071

   Dennennaalden in de handen gegooid,
tientallen prikkels, onhoudbare pijn,
grijpen wordt grip, huid tot leder gelooid,
zo begrijp ik haar onbereikbaar zijn.
   Haar lichaam, moe langs mijn stroeve lijn
sluit zich op in een parel naakt bestaan:
O nijd, het trekken van de tijd eraan!
   Alles verdwijnt, vertrekt in hoge vaart,
flitst weg in het donker, & wij vergaan
als wit in wit, van niets een blanco kaart.